Overzicht

Hotelbedrijf start WHOA-procedure door coronapandemie

Hotelbedrijf start WHOA-procedure door corona-pandemie

In maart 2021 was een hotelbedrijf uit Amsterdam door de coronapandemie en de daarbij behorende maatregelen en reisbeperkingen feitelijk stilgevallen. In 2020 was de omzet met 80% gedaald ten opzichte van 2019. Door deze omzetdaling kan de onderneming niet duurzaam aan haar betalingsverplichtingen voldoen. Om die reden wil de ondernemer haar schuldeisers een WHOA-akkoord aanbieden om de continuïteit van de onderneming te waarborgen.

Klik hier voor de volledige uitspraak.

Huidige situatie

De door de onderneming geëxploiteerde hotels en appartementen waren in maart 2021 gesloten omdat er geen gasten verbleven. Door een afkoelingsperiode wil de onderneming deze (onvrijwillige) winterslaap waarborgen. Door de afkoelingsperiode kunnen schuldeisers geen beslagen leggen of het faillissement aangevragen. Dit is in het belang van de onderneming en haar schuldeisers. Na versoepeling van de reisbeperkingen kan de onderneming weer exploiteren en haar schuldeisers een akkoord en daarmee betaling aanbieden. Verhaalsacties zullen echter de continuïteit van de onderneming in gevaar brengen, waardoor schuldeisers slechter af zouden zijn.

Op 4 januari 2021 heeft de onderneming een startverklaring gedeponeerd. Echter was de situatie in maart in zoverre verslechterd dat er geen concreet uitzicht was op heropening en omzetherstel. Om die reden zegt de onderneming toe om uiterlijk binnen 2 maanden na afkondiging van de afkoelingsperiode, een akkoord aan haar schuldeisers aan te bieden. Om tot een akkoord te kunnen komen heeft een enorme kostenbesparing plaatsgevonden en zijn de nodige financiële buffers ingebouwd. De bestuurder van de onderneming stelt een bedrag ten behoeve van de schuldeisers beschikbaar.

De rechtbank heeft een afkoelingsperiode voor 2 maanden afgekondigd. De onderneming heeft namelijk duidelijk kunnen maken met welke middelen zij het akkoord kan aanbieden. Ook is de afkoelingsperiode noodzakelijk om de onderneming tijdens de voorbereidingen en de onderhandelingen over het akkoord te kunnen blijven voortzetten. De schuldeisers zullen bij een WHOA-akkoord een hogere uitkering ontvangen dan in faillissement. Hierdoor valt aan te nemen dat de belangen van de schuldeisers bij een afkoelingsperiode gediend zijn.

Vroegtijdige beslissingen rechtbank

Naast het verzoek om een afkoelingsperiode af te kondigen, heeft de onderneming ook een verzoek ingediend om vooraf goedkeuring te geven over de gehanteerde klassenindeling. De onderneming verzoekt de rechtbank om te bepalen of de totale vordering van de gemeente Amsterdam als concurrent wordt geklasseerd. De gemeente Amsterdam stelt namelijk een preferente vordering te hebben wat homologatie van het akkoord in weg kan staan. Op 30 april 2021 heeft de rechtbank beslist dat de vorderingen van de gemeente Amsterdam in de klasse van concurrente schuldeisers horen.

Conclusie

De rechtbank heeft beslist om een afkoelingsperiode van 2 maanden af te kondigen. Het risico bestaat dat door één of meer schuldeisers beslag op de bankrekening wordt gelegd, waardoor de onderneming haar activiteiten niet zou kunnen voortzetten. Een afkoelingsperiode is daarom noodzakelijk om de bedrijfsactiviteiten tijdens de voorbereidingen en de onderhandelingen over het akkoord te kunnen voortzetten. Een akkoord zorgt ervoor dat de schuldeisers een hogere uitkering kunnen ontvangen dan in faillissement. Hieruit blijkt dat de belangen van de schuldeisers bij een afkoelingsperiode zijn gediend.